Oorzaken van een miskraam

Een miskraam is het verlies van een niet-levensvatbare vrucht in de eerste 16 weken van de zwangerschap, gerekend vanaf de eerste dag van de laatste menstruatie. 10% van alle zwangerschappen eindigt in een miskraam.

De medische term voor miskraam is abortus. Een spontane abortus wanneer het vruchtje spontaan loskomt of een abortuscurettage wanneer via een medische ingreep de miskraam verwijderd wordt (niet te verwarren met een abortus provocatus, wanneer een ongewenste zwangerschap wordt afgebroken).

De oorzaak van een miskraam is bijna altijd een aanlegstoornis. Vaak een chromosoomafwijking die bij de bevruchting is ontstaan. Het vruchtje groeit niet verder en het lichaam stoot het af. In de regel gaat het hier niet om erfelijke afwijkingen, zodat er geen gevolgen zijn voor een volgende zwangerschap.

Een andere oorzaak kan een te lage bloedspiegel van het zwangerschapshormoon zijn. De eierstok produceert te weinig hormonen om de zwangerschap in stand te houden.

Een behandeling om een miskraam te voorkomen is niet mogelijk. Medicijnen (hormonen) of maatregelen zoals bedrust of stoppen met werken zijn zinloos. Een miskraam kan ook niet komen door vrijen of sporten of (vaginale) echo’s.